Op 13 april 2026 heeft de Raad van State vier vernietigingsberoepen verworpen tegen de sectorale milieuvoorwaarden voor windturbines, vastgesteld bij besluit van de Vlaamse regering van 7 juli 2023. Verhelst Flamey stond in deze procedures de Vlaamse regering bij.
De sectorale milieuvoorwaarden voor de uitbating van windturbines (in verband met het geluid, de slagschaduw en de veiligheid van deze installaties) werden door de Vlaamse regering opnieuw opgenomen in Vlarem II nadat het Hof van Justitie van in een arrest van 25 juni 2020 vastgesteld had dat aan de vaststelling van dergelijke milieuvoorwaarden een plan-milieueffectenrapport moet voorafgaan. De destijds bestaande normen voldeden niet aan die vereiste.
Bij decreet van 17 juli 2020 werden de bestaande sectorale normen wettelijk gevalideerd voor een periode van drie jaar, dit om te vermijden dat de uitbating van en de vergunningverlening voor windturbineparken in het gedrang zou komen in de periode die nodig is om een milieueffectenbeoordeling op te maken. Tegelijk werd de Vlaamse regering opgedragen om nieuwe sectorale normen vast te stellen. De beroepen tot vernietiging gericht tegen het Validatiedecreet werden door het Grondwettelijk Hof verworpen bij arrest van 14 oktober 2021 (nr. 142/2021).
Nadat het vereiste plan-MER opgemaakt werd, werden de nieuwe sectorale milieuvoorwaarden vastgesteld bij besluit van 7 juli 2023.
Tegen die nieuwe sectorale normen werden beroepen ingediend bij de Raad van State door een reeks lokale besturen, verenigingen en burgers. Al die beroepen werden nu verworpen door de Raad van State. Inzonderheid wordt vastgesteld dat de Vlaamse regering op grond van pertinente criteria, verband houdend met de technische karakteristieken van windturbines, heeft beslist om afzonderlijke sectorale geluidsnormen voor windturbines te bepalen, met een kader dat afwijkt van de geluidsnormen die Vlarem bepaalt voor andere inrichtingen. Er is volgens de Raad van State ook geen schending aangetoond van het standstillprincipe uit de Grondwet, noch bij vergelijking met de gevalideerde sectorale normen (die ongewijzigd overgenomen werden), noch met de situatie voorafgaand aan het besluit van de Vlaamse regering van 23 december 2011, want toen was er geen geluidsnorm van toepassing voor windturbines. Alle inhoudelijke kritieken op het plan-MER en het (beweerd gebrek aan) alternatievenonderzoek, worden ook verworpen door de Raad van State.
Deze arresten zetten uiteindelijk een punt achter een juridische saga die jaren aangesleept heeft, en die zeker in de periode vóór het Validatiedecreet een schaduw wierp op de realisatie van onshore windturbineprojecten in het Vlaamse gewest.